top of page
Zoeken

Een parel 𖤓 in Gods hand

  • Foto van schrijver: Willemijn Heins
    Willemijn Heins
  • 30 jul
  • 8 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 1 aug

Van zoeken naar thuiskomen...


❝Zoekt en gij zult vinden.❞

✞︎ Mattheüs 7:7


➸ De Bron


Mijn hele leven dacht ik dat ik op zoek was naar de Bron.


Naar de rivier onder alle afzonderlijke stromen.


Naar de onderliggende eenheid onder alles wat ons verdeeld doet lijken.


Naar de Liefde die religie, psychologie, wetenschap en mystiek ieder in hun eigen taal proberen te verwoorden.


Ik zocht niet naar een nieuwe waarheid.


Misschien zocht ik naar de Waarheid die mij al kende.


Ik zocht naar de Bron waaruit al die waarheden ontspringen.


En misschien…


zocht de Bron mij al die tijd ook.


➸ Een parel


Als klein meisje stelde ik me voor dat mijn bed Gods hand was.


Ik lag daar als een klein pareltje.


Veilig.


Geborgen.


Gedragen.


Ik wist nog niets van geloofssystemen.


Niets van psychologie.


Niets van mystiek.


Maar ergens wist mijn hart al iets wat mijn hoofd later weer zou vergeten.


Dat ik gedragen werd.


➵ Misschien verliezen we dat vertrouwen niet omdat God verdwijnt…maar omdat wij gaan geloven dat we onszelf moeten dragen.

➸ De weg naar buiten


Mijn zoektocht bracht me ver.


Verder dan ik ooit had gedacht.


Ik liet de kerk een tijd los.


Niet omdat ik God wilde loslaten.


Maar omdat ik niets meer wilde geloven alleen omdat het mij verteld was.


Ik wilde zelf ontdekken.


Zelf ervaren.


Zelf proeven.


Niet alleen mijn geloof onderzocht ik.


Ook mijn overtuigingen.


Mijn beelden van God.


Mijn christelijke conditioneringen.


Alles mocht op tafel.


Soms voelde dat alsof de grond onder mijn voeten verdween.


Toch kon ik niet anders.


Iets in mij bleef zoeken.


Niet uit opstand.


Maar uit verlangen.


Dat deed pijn.


Niet alleen bij mij.


Ook bij mijn ouders.


Zij zagen hoe ik een andere weg insloeg.


Een weg waarvan zij niet wisten waar die zou eindigen.


En toch lieten zij mij los.


Zij vertrouwden.


Zij bleven voor me bidden.


Nu zie ik hoeveel liefde daarin verborgen lag.


Liefde houdt niet vast.


Liefde laat los.


Liefde blijft.


➸ Opstijgen


➵ Achteraf zie ik dat mijn zoektocht misschien al veel eerder was begonnen.


Als jongvolwassene las ik Onversneden christendom van C.S. Lewis.


Wat mij toen raakte, was niet een theologisch argument.


Ook niet de vraag welke kerk gelijk had.


Het was zijn verlangen om terug te keren naar de kern.


Naar datgene wat christenen verbindt, in plaats van verdeelt.


Ik wist toen nog niet waarom dat mij zo diep aansprak.


Nu denk ik dat ik daarin iets van mijn eigen hart herkende.


Misschien ben ik mijn hele leven al op zoek geweest naar de onderliggende eenheid.


Niet alleen tussen kerken.


Maar ook tussen religies.


Tussen psychologie en spiritualiteit.


Tussen wetenschap en mystiek.


Tussen hoofd en hart.


Tussen mens en God.


Ik zocht naar de rivier onder alle afzonderlijke stromen.


Mijn zoektocht bracht me verder dan ik ooit had kunnen vermoeden.


Ik begon Gods aanwezigheid overal te herkennen.


In een kerk.


Maar ook in een bos.


In een stil gebed.


Onder een sterrenhemel.


In de volle maan.


Steeds minder voelde de schepping als iets dat losstond van God.


Steeds meer voelde zij als een levende uitdrukking van Zijn aanwezigheid.


Alsof alles ademde.


En iedere ademhaling Zijn Naam fluisterde.


Ik begon te zoeken naar de onderliggende eenheid.


Niet om verschillen uit te wissen.


Maar om de Bron te vinden waaruit zij allemaal ontspringen.


Naar datgene wat religies, psychologie, wetenschap en mystiek met elkaar verbindt.


Hoe meer ik mij daarin verdiepte…


hoe vaker ik momenten ervoer waarop alle grenzen wegvielen.


Momenten waarop er geen ‘ik’ en ‘jij’ meer leek te zijn.


Alleen Liefde.


Alleen God.


Alleen de Bron.


Het voelde alsof ik eindelijk thuiskwam.


En toch…


zonder dat ik het doorhad…


raakte ik ook iets kwijt.

Ik werd steeds meer één met het Goddelijke... Maar steeds minder mens.

Ik dacht even dat spiritualiteit betekende dat ik boven mijn emoties uit moest stijgen.


Boven mijn kwetsbaarheid.


Boven mijn lijden.


Alsof verlichting betekende dat niets mij nog werkelijk kon raken.


Alsof afhankelijkheid iets was waar ik voorbij moest groeien.


Nu zie ik dat ik onderweg iets wezenlijks verloor.


Niet mijn liefde voor God.


Maar mijn besef dat ik Hem nodig had.


➸ Afdalen


Het leven bracht mij terug.


Niet door nieuwe antwoorden.


Maar door het leven zelf.


Door verlies.


Door teleurstelling.


Door kwetsbaarheid.


Door alles wat mij opnieuw mens maakte.


Ik ontdekte dat mijn emoties geen obstakels waren.


Ze waren een uitnodiging.


Niet om erbovenuit te stijgen.


Maar om dieper af te dalen.


Steeds dieper mijn hart in.


Steeds dieper mijn mens-zijn in.


En juist daar…


ontdekte ik opnieuw het gebed.


Niet als techniek.


Niet als ritueel.


Maar als pure overgave.


Toen ik besefte dat ik het niet meer alleen kon...


Ik hoefde niet langer alles te begrijpen.


Niet langer alles te controleren.


Niet langer alles zelf te dragen.


Langzaam leerde ik loslaten.


Niet uit onverschilligheid.


Maar uit vertrouwen.

Let go. Let God.

Niet omdat het leven geen verantwoordelijkheid meer vraagt.


Maar omdat ik ontdekte dat verantwoordelijkheid iets anders is dan alles alleen willen dragen.


Ik mocht gedragen worden.


En ineens dacht ik weer aan dat kleine meisje.


Aan het bed dat Gods hand was.


Alsof ik mij niet iets nieuws herinnerde…


maar iets wat ik altijd al had geweten.


✞︎


Misschien is dat ook wat Jezus mij liet zien.


Niet dat de weg omhoog voert.


Maar dat Liefde altijd afdaalt.


Tot in het mens-zijn.


Tot in de kwetsbaarheid.


Tot in het lijden.


God ontmoeten bleek niet te beginnen buiten het leven.


Maar midden erin.


➸ Twee lagen, één Liefde


Pas toen begon ik iets te begrijpen waar ik jarenlang naar had gezocht.


Ik hoefde niet te kiezen.


Niet tussen eenheid en relatie.


Niet tussen mystiek en christendom.


Niet tussen stilte en gebed.


Niet tussen de Bron en de Vader.


Misschien zijn het geen tegenpolen.


Maar twee lagen van dezelfde werkelijkheid.


Op de diepste laag…


rust alles in God.


Daar is alleen Liefde.


Alleen de Bron.


Daar lost de afscheiding op.


Daar ervaar ik de vrede waar mystici al eeuwen over schrijven.


Maar er is ook een menselijke laag.


Een laag waarin ik verlang.


Twijfel.


Huil.


Lach.


Bid.


Liefheb.


Een laag waarin ik niet God bén…


maar mij geliefd weet door God.


Misschien hoefde ik nooit te kiezen tussen die twee.


Misschien hoefde ik alleen maar te leren ze allebei te bewonen.


Met één voet rust ik in de eeuwige Bron.


Met de andere leef ik midden in dit prachtige, kwetsbare, menselijke bestaan.


Wanneer ik lijd, helpt het mij soms om mij te herinneren dat alles uiteindelijk rust in Gods oneindige Liefde.


En soms helpt het mij juist om mijn handen te vouwen.


Om te bidden.


Om mijn verdriet toe te vertrouwen aan een Vader die mij kent.


Voor mij zijn dat geen twee verschillende wegen.


Ze brengen mij allebei thuis.

➵ In de eenheid herinner ik mij de Bron. ➵ In de relatie ontmoet ik God. ✞︎

➸ Onversneden mens


Langzaam begon ik ook anders naar mensen te kijken.


Steeds minder zag ik onze verschillen.


Steeds vaker zag ik wat ons verbindt.


Onder onze overtuigingen.


Onder onze afkomst.


Onder onze religie.


Onder onze persoonlijkheid.


Leeft dezelfde mens.


Kwetsbaar.


Zoekend.


Verlangend.


Geliefd.


Misschien zijn wij veel minder verschillend dan wij denken.


Misschien is onversneden mens-zijn wel leren kijken voorbij de verschillen, naar de onderliggende Liefde die ons allemaal draagt.


En veel meer één dan wij durven geloven.


Niet omdat wij allemaal hetzelfde zijn.


Maar omdat wij allemaal uit dezelfde Liefde voortkomen.


➸ Emoties


Als emotiepsycholoog begon ik dezelfde beweging ook in mijn werk te herkennen.


Steeds opnieuw ontdekte ik dat onder iedere emotie een menselijke behoefte schuilgaat.


En misschien nog wel mooier…


Hoe sterker de emotie…


hoe sterker de behoefte die gezien wil worden.


» Veiligheid.


» Controle.


» Erkenning.


» Verbinding.


» Autonomie.


Misschien zijn emoties daarom geen hindernissen.


Maar richtingaanwijzers.


Ze laten zien waar wij ons afgescheiden voelen.


En nodigen ons uit terug te keren.


Naar onszelf.


Naar elkaar.


En uiteindelijk…


naar de Bron.


Hoe dieper ik afdaalde in mijn eigen emoties, hoe minder ik nog geloofde dat ze opgelost moesten worden.


Ze wilden gevoeld worden.


Gezien worden.


Omarmd worden.


En juist daarin ontdekte ik iets onverwachts.


Onder iedere emotie lag hetzelfde verlangen.


Liefde.


➸ Onversneden Leven


Misschien begrijp ik vandaag pas waarom de titel Onversneden christendom (C.S. Lewis) mij als jongvolwassene zo raakte.


Niet omdat ik terugverlang naar een eenvoudiger geloof.


Maar omdat ik steeds opnieuw verlang naar de kern.


Voor mij is die kern geen verzameling dogma’s.


Ook niet de verschillen tussen kerken.


Maar een levende relatie.


Een relatie met God, die ik als kind al kende en onderweg opnieuw mocht ontdekken.


Dat ik God moest vinden.


Dat ik de weg moest ontdekken.


Tot ik langzaam begon te begrijpen…


Misschien is dát wel genade.


Van daaruit begon ook mijn verlangen naar een onversneden leven te groeien.


Een leven in afstemming.


Met God.


Met mezelf.


Met de ander.


Met de schepping.


En met de Bron waaruit alles voortkomt.


Misschien is dat ook waarom ik mij niet zo thuis voel in discussies over wie gelijk heeft.


Over goed of fout.


Over wie erbij hoort.


Of wie niet.


Ik verlang naar ontmoeting.


Misschien is dat ook wat mij nog altijd zo raakt in Jezus.


Als klein meisje droeg ik een armbandje met de letters WWJD.


✞︎ What Would Jesus Do? ︎ ︎ ︎

Vandaag hoor ik die vraag anders.


Misschien niet als:


Wat zou Jezus doen?


Maar als:


Hoe zou Jezus liefhebben?


Hoe zou Jezus kijken?


Relatie vóór correctie.


Ontmoeting vóór oordeel.


Ik verlang ernaar om voorbij de standpunten de mens te blijven zien.


Om de ander werkelijk te ontmoeten.


Want onder onze overtuigingen.


En onder onze emoties.


Schuilen vaak dezelfde menselijke behoeften.


Misschien begint genade daar.
Niet bij gelijk krijgen.
Maar bij werkelijk liefhebben.

Voor mij betekent onversneden leven niet dat alles hetzelfde wordt.


Het betekent dat niets meer buitengesloten hoeft te worden.


Niet mijn geloof.


Niet mijn vragen.


Niet mijn liefde voor de natuur.


Niet mijn verwondering.


Niet mijn ervaring van eenheid.


Niet mijn verlangen naar relatie.


Niet de wetenschap.


Niet de psychologie.


Niet de mystiek.


Niet de kerk.


Niet de wereld.


Alles mag er zijn.


Niets hoeft meer buitengesloten te worden.


Niet omdat alles hetzelfde is.


Maar omdat alles uiteindelijk gedragen wordt door dezelfde Liefde.


Misschien zijn wij allemaal rivieren.


Met verschillende bochten.


Verschillende oevers.


Verschillende namen.


En misschien hoeven wij elkaar daarom niet langer te overtuigen.


Maar mogen wij elkaar nieuwsgierig ontmoeten.


Van elkaar leren.


Elkaar verrijken.


Want uiteindelijk…


stromen wij allemaal vanuit dezelfde Bron.


En keren wij ook allemaal terug naar diezelfde Bron.



Soms lig ik nog steeds in bed.


En heel even ben ik weer dat kleine meisje.


Een pareltje.


Veilig.


Gedragen.


Dan glimlach ik.


Mijn hele leven dacht ik dat ik op zoek was naar de Bron.


Dat ik God moest vinden.


Dat ik de weg moest ontdekken.


Soms denk ik aan de gelijkenis van de verloren zoon.


Of misschien…


de verloren dochter.


Niet omdat God ooit verdwenen was.


Maar omdat ik onderweg even was vergeten dat Hij mij al die tijd had gedragen.


Tot ik langzaam begon te begrijpen…


dat God mij nooit had losgelaten.


Misschien was dat wel de grootste ontdekking van mijn zoektocht.


Niet dat ik de Bron vond.


Maar dat ik ontdekte dat Hij mij al die tijd had gedragen.


Misschien is dat ook wat nederigheid voor mij is gaan betekenen.


Niet mezelf kleiner maken.


Niet minder worden.


Maar ophouden te geloven dat ik alles zelf moet dragen.


Loslaten.


Vertrouwen.


Let go. Let God.

En misschien…


was ik nooit op weg naar huis.


Misschien was ik al die tijd al thuis.


Want uiteindelijk ging mijn zoektocht niet over het vinden van God.


Maar over het durven geloven…


dat ik al die tijd al gevonden was.


Een parel in Gods hand.



✞︎






 
 
 

Opmerkingen


bottom of page